Assen is de hoofdstad van Drenthe en dat bepaalt de economie. Provinciebestuur, rechtbank, uitvoeringsorganisaties en een ziekenhuis dat een groot gebied bedient, met daaromheen een MKB dat voor een flink deel aan die instellingen levert. De stad zelf is niet groot; het gebied dat erbij hoort wel. Wie in Rolde, Beilen of Smilde iets nodig heeft dat er niet is, komt hierheen, en de zoekopdracht komt dus vaak van buiten de bebouwde kom.
Eén week per jaar verandert dat volledig. De races op het circuit aan de zuidkant trekken bezoekers die hier de rest van het jaar niet komen. Horeca, verblijf, vervoer, winkels en garages draaien die dagen op een publiek dat eenmalig is. In de cijfers is dat terug te zien: het zoekvolume loopt op, het reviewvolume ook, en de vragen die binnenkomen gaan over parkeren, bereikbaarheid en openingstijden in plaats van over de dienst.
Het ongemak ontstaat daarna. Die dagen zitten in het jaargemiddelde, in de positiemeting, in het reviewcijfer en in de conclusie die een ondernemer eruit trekt. Wie zijn zichtbaarheid over twaalf maanden beoordeelt met die week erin, stuurt op een uitschieter. De rest van het jaar is een andere markt: minder zoekopdrachten, meer terugkerende klanten, en opdrachtgevers die op naam en op betrouwbaarheid selecteren in plaats van op wat er toevallig in de buurt zit.
Verdieping op de twee onderwerpen die in deze markt het meeste opleveren: afwijkende openingstijden voor een evenementenweek vastleggen en hoe wij een piekweek buiten het jaargemiddelde houden.